SNIA

TCO van storage – een lastig onderwerp

Met enige regelmaat is te lezen dat voor de totale kosten van storage (TCO) SSD betere kaarten heeft dan HDD. Op het eerste gezicht lijkt dat ook logisch. Het stroomverbruik van flashstorage is immers aanzienlijk lager. Maar dat is niet de enige component van een TCO berekening.

Rekenmodel

Via SNIA is eerder dit jaar een presentatie gedeeld over de TCO van storage. Het gaat hierbij om een rekenmodel dat met veel meer punten rekening houdt dan alleen het stroomverbruik van een drive.

Er wordt bijvoorbeeld ook rekening gehouden met de tijd die nodig is een disk te installeren en te wissen. Dat lijken minimale ingrepen. Over de economische levensduur van een disk is het echter een kostenpost die te hoog is om vergeten te worden.

Andere parameters

De mate waarin compressie kan worden toegepast is eveneens genoemd als parameter. Dat de capaciteit van SSD’s geringer is dan die van HDD’s heeft ook de consequenties voor de TCO berekening. Er zijn immers meer SSD’s nodig om een bepaalde workload te kunnen faciliteren dan HDD’s. Zo gaat dus een deel van het voordeel van een lager stroomverbruik.

Omdat een SSD duurder is in de aanschaf is de capex van een gevulde server of serverrack hoger. Als de hardware wordt geleased in plaats van aangeschaft zijn er hogere aflossingskosten. En zo zijn er in het rekenmodel nog veel meer parameters die niet aan de orde komen als alleen naar de losse schijven wordt gekeken.

In krap 20 minuten tijd – langer duur de video niet – kan een indruk worden gekregen van de echte TCO van storage. Voor menigeen zal dat leerzaam zijn en helpen door te vragen als in het vervolg een vendor een zeer lage TCO voor zijn storageoplossing of units claimt. Let wel op: Naar destructie of recycling van storage kijkt deze calculatie niet. Het rekenmodel kan dus nog beter.

 

 

Share